Beheer Eilandspolder-Oost onvoldoende voor Natura2000

  Over de Wetenschapswinkel
  Nieuws en activiteiten
  Nieuws
  Archief
  Activiteiten
  Nieuws
  2011
  2010
  2009
  2008
  2007
  2006
  2005
  Voor wie?
  Voorwaarden bemiddeling
  Projecten
  Publicaties en rapporten
  Contact

3 mrt 2010
Onderdeel: Wetenschapswinkel Wageningen UR

In de Eilandspolder-Oost zorgen stikstofdepositie, de waterkwaliteit en -kwantiteit en het (landbouw-kundige) beheer ervoor dat de natuurdoelen voor dit Natura2000-gebied op dit moment niet gehaald worden. Dit blijkt uit onderzoek door de Wetenschapswinkel van Wageningen UR in opdracht van de Stichting Open Polders. De onderzoekers geven verder aan dat een Natura2000-beheerplan voor de Eilandspolder-Oost alleen succesvol kan zijn als alle belanghebbenden actief worden betrokken bij het op te stellen beheerplan.

De hoofdvraag van het onderzoek voor de Wetenschapswinkel is het ontsluiten van ecologische kennis en ervaring over de te beschermen soorten en habitattypen (de Natura2000-doelen) en de eisen die zij stellen aan inrichting en beheer van het gebied. Daarvoor zijn eerst de natuurdoelen ecologisch beschreven. Op basis van ecologische beschrijvingen van soorten en habitattypen benoemen de onderzoekers een groot aantal aan concrete inrichtings- en beheermaatregelen voor het toekomstig beheer van de Eilandspolder-Oost, gelegen tussen de Beemster en de Schermer in Noord-Holland. Het rapport onderscheidt gebundelde maatregelen rond water, stikstof, inrichting, graslandbeheer en kennis.

Voor een aantal vogelsoorten in het gebied wordt door boom- en struikopslag en het verruigen van riet- en graslanden de instandhoudingsdoelstelling niet gehaald. Van de grutto is bijvoorbeeld het aantal pleisterende vogels en daarmee ook het aantal broedparen sterk afgenomen. Er is een wisselwerking tussen de kwaliteit van de broedgebieden en de verzamel- en slaapplaatsen. Voor en na het broedseizoen moeten die plaatsen namelijk permanent plasdras zijn of ondiep water bevatten.

Voor het nog marginaal aanwezige veenmosrietland is de stikstofdepositie (vermesting) te hoog. Daardoor verdwijnen kenmerkende soorten en kan dit habitattype zich niet handhaven. Minder bemesting binnen en buiten het gebied, en minder en schoner verkeer kan dit probleem deels oplossen. Ook het huidige maaibeheer wordt niet goed uitgevoerd. Maaisel wordt namelijk niet afgevoerd, waardoor de aanwezige stikstof dus in het lokale ecosysteem blijft.

Veenmosrietland houdt van natte voeten, ‘s winters natter dan ‘s zomers. Voor het agrarisch gebruik is het nu juist andersom. Daarnaast zou de waterstand omhoog moeten en zou de onderbemaling moeten stoppen. Er kunnen dan weer overgangen ontstaan van water naar land waardoor zowel planten als dieren meer kansen krijgen. Voor veel planten en dieren onder en boven water is het bovendien belangrijk dat het water schoner wordt, met minder meststoffen. De onderzoekers constateren ook kennishiaten over de verblijfplaatsen van de vissoorten en de prioritaire Noordse woelmuis. Waar bevinden zich de hotspots? Met die kennis kunnen beheerders een gefaseerd baggerplan opstellen dat rekening houdt met deze soorten.

Natura2000
In het kader van Natura2000 heeft Nederland zich verplicht om gebieden aan te wijzen voor soorten en habitattypen die Europees bedreigd zijn. Eilandspolder-Oost, één van de 162 Natura2000-gebieden in Nederland is aangewezen voor twee habitattypen, acht soorten vogels, twee soorten vissen en een zoogdiersoort (Noordse woelmuis). Een beheerplan wordt voorzien in 2010. De verantwoordelijke overheid voor Natura2000 (Ministerie van LNV) en die voor het beheerplan (de Provincie Noord-Holland) willen graag een zo groot mogelijk draagvlak voor het beheerplan verwerven.

Om een constructieve bijdrage te leveren aan de discussies rond het beheerplan heeft de Stichting Open Polders aan de Wetenschapswinkel van Wageningen UR gevraagd een rapport op te stellen waarmee ook niet-ecologisch deskundigen het op te stellen beheerplan kunnen beoordelen. Het rapport dient daarmee een bijdrage te leveren aan de discussie rond de inrichting en het beheer van het gebied, gelet op de soorten en habitattypen waarvoor het gebied is aangewezen. Het rapport is dus geen alternatief beheerplan en geen evaluatie van het concept beheerplan.
De rapportage is uitgevoerd door medewerkers van Alterra, onderdeel van Wageningen UR. Wetenschapswinkelrapport 263: ‘Naar een beheerplan voor Eilandspolder-Oost; Van top-down invoeren naar bouwen aan sociaal draagvlak?’ is te downloaden vanaf de projectsite Beheerplan Eilandspolder-Oost.

 


Print nieuwsbericht

Meer over dit onderwerp
Contact
Rob van Apeldoorn
Projectleider en Senior onderzoeker bij Alterra, onderdeel van Wageningen UR en adviseur Natura2000
rob.vanapeldoorn@wur.nl
T 0317 48 64 07
 
Wieger Wamelink
Senior onderzoeker en deskundige stikstofdepositie bij Alterra
wieger.wamelink@wur.nl
T 0317 48 59 17
»  meer Contact